Haa, gisteren weer een woensdag gehad.
Iedere woensdagmiddag ga ik de jongens van school halen met de fietskar, en iedere keer wil dat zeggen: gezever. Het begint bij het eerste kind dat ik bij de juf ophaal, dat kijkt dan naar mij zijn grote ogen (hebben ze allebei) en zegt dan :’ Ik mag op de fietstoel hei’.
En hup, we zijn vertrokken voor een halfuurtje discussie, geroep (de kinderen tegen elkaar), meewarige blikken van andere mama’s aan de poort, en meestal eindigend met het gekrijs van de arme sukkel wiens beurt het was in de fietskar te zitten. Want dat vinden ze, om een of andere reden, niet leuk.
Onlangs reden we zo naar huis, Jon en Liv in de fietskar, Arnt in de fietsstoel. Ik voel ineens wat weerstand, het lijkt alsof mijn band plat staat. Ik kijk achterom, en zie Jon half uit de fietskar hangend, slepend met zijn voeten op de grond. Vond hij leuk. Ik wou roepen: waaaaaaaa alarm hellup gevaarlijk, maar bleef gelukkig kalm, heb hem kordaat vastgemaakt met de vijfpuntsgordel en ben vrolijk doorgereden.
Gisteren was het weer prijs, Jon had zich uit de gordel van de fietsstoel gewurmd, om iets te zien achter ons. Gelukkig zijn we veilig thuisgeraakt, maar toch ben ik op zoek naar een gummi pak voor kinderen op de fiets. Geraken we in de toekomst zeker veilig thuis.

No comments yet
Feed met reacties voor dit artikel